Rondreis met tent en openbaar vervoer door het zuiden van Portugal

­

Voor het eerst samen op reis, dan neem je beter geen risico’s. Wil je niet van een kale kermis thuiskomen, dan ga je best op zoek naar een reisbestemming waar je zeker bent van een warm en zonnig klimaat, lekker en gezond eten en een variatie aan bezienswaardigheden, sportieve en ontspannende activiteiten. Zo is er voor elk wat wils.

naamloos

Een dergelijke afwisselende en boeiende vakantie beleven wij in Portugal. Na een voortreffelijke vlucht met SN Brussels Airlines landen we in Lissabon. We logeren er op een prachtige camping aan de rand van de stad en met het openbaar vervoer verkennen we de hoofdstad van de eens zo welvarende zeemogendheid Portugal.

Onze tip:
Portugal verleidt je met ongerepte stranden, rotsachtige kusten, pittoreske steden en een heuvelend binnenland.

Onze verblijfplaats voor een vijftal nachten wordt de camping Parque Municipal de Campismo de Monsanto aan de rand van de stad Lissabon. De stadsbus brengt er ons heen. We zijn blij verrast; de camping is rustig, proper en voorzien van alle comfort. De standplaatsen zijn groot en goedkoop. Vanuit Lissabon maken we ook een daguitstap met de trein naar Sintra en daarna reizen we door naar de Algarve. We leren elkaar kennen op deze zonovergoten vakantie waar afwisseling troef is en het wordt het begin van ons reizenavontuur.

Bart en Veerle Lissabon

We starten onze citytrip in de oudste wijk van Lissabon, Alfama. In heel Portugal vind je invloeden van de Moorse of Noord-Afrikaanse cultuur. Zo is de naam Alfama afkomstig van het Arabische al hamma, wat staat voor baden of fonteinen die er vroeger zouden zijn geweest. Alfama ligt in het oostelijke deel van de stad. Het is een wirwar van kronkelige straatjes en steegjes, die schuin omhoog tegen de Sao Jorge heuvel aanliggen. We bezoeken er eerst de Sé Kathedraal en nemen daarna de legendarische tram 28. Tram 28 is naast openbaar vervoer, een toeristische attractie op zich. Reeds 100 jaar maakt het gele karretje zijn ronde tussen de benedenstad en Alfama. We laten ons een rondje meevoeren. De knalgele tram klimt de steile hellingen op en laveert door nauwe straatjes, waar hij de gevels bijna lijkt te raken.

Tram 28

In Lissabon vind je verschillende miradouros. Het zijn uitkijkplaatsen van waaruit je een deel van de stad kan overschouwen. Een van de mooiste is de Miradouro de Santa Luzia in de oude wijk Alfama. Je hebt er een prachtig zicht op de Taag en de haven, kerken en de vele rode daken van de huizen. Intussen beginnen de magen te grollen en zakken we af richting het Rossio. Het Rossio of het Pedro IV plein is het hart van de stad. Het is reeds eeuwenlang het belangrijkste plein in de benedenstad. Executies, stierengevechten en demonstraties hebben er plaatsgevonden, maar bovenal is het een ontmoetingsplaats bij uitstek. De benedenstad heeft, in tegenstelling tot de oude volkswijken van Lissabon, een rechtlijnig stratenplan. In de Baixa of benedenstad vind je vele winkels, cafés en eetgelegenheden.

Rossio

De verbinding van de benedenstad naar de bovenstad kan je niet alleen maken met de gele tandradtrammetjes, maar ook met verscheidene liften die je terugvindt in de stad. Een van de bekendste is de Elevador de Santa Justa. De rijkelijk versierde ijzeren lift is een ontwerp van een leerling van Gustave Eiffel en dateert uit 1900. Je vindt hem in de buurt van het Rossio. Van metaalmoeheid is geen sprake. Hij gaat nog verscheidene keren per dag op en neer in de ijzeren toren en brengt je een 30-tal meter hoger in de bovenwijk, Bairro Alto. Daar vind je terug een wirwar van smalle straatjes, steile stegen en trappen.

Lissabon gelegen op de rechteroever van de Taag kan ons wel bekoren. Het heeft een rijke cultuur en geschiedenis. De smalle straten en stegen, de was die uit de ramen boven de straten hangt te drogen, de restaurants en cafés waar het Portugese levenslied weerklinkt en waar de gegrilde, gezouten of in olie gedrenkte sardines goed binnengaan, geven de stad een authentiek en pittoresk karakter.

Straatbeeld Lissabon

De Taag is de langste rivier van Portugal en de rivier snijdt het land middendoor. De rivier kent haar oorsprong in Spanje en mondt net voorbij Lissabon uit in de Atlantische Oceaan. Ze is van belang voor de irrigatie van landbouwgebieden, voor het opwekken van stroom en de wijnbouw. Ze geeft Lissabon een belangrijke natuurlijke haven en één van haar belangrijkste monumenten is wel de lange hangbrug, de 25 aprilbrug. In de 15de en 16de eeuw was Portugal een belangrijke zeemogendheid. Vasco da Gama vertrok hier naar Afrika en India. Symbolen van deze ontdekkingsreizen zijn de Torre de Belém en het Padrao dos Descobrimentos. Beide monumenten bevinden zich in de wijk Belem, de meest westelijk gelegen wijk van Lissabon.

Torre de Bélém

De Toren van Belem stond oorspronkelijk midden in de Taag. Dit fort, gebouwd in Manuelstijl, heeft verschillende functies gehad. Eerst stond het in voor de militaire verdediging, daarna heeft het nog dienst gedaan als gevangenis en douanekantoor. Nu is het uitgeroepen tot werelderfgoed door de UNESCO. Het monument van de ontdekkingen of het Padrao dos Descobrimentos gedenkt de overzeese ontdekkingen. Het monument is een in steen uitgehouwen voorsteven en boeg van een schip met gebolde zeilen. Op het dek staan verscheidene ontdekkingsreizigers afgebeeld met Hendrik de Zeevaarder op kop. Van op dit monument heb je een goed zicht op de straatmozaïek. Het stelt een windroos voor, met daarin verwerkt een wereldkaart met de ontdekkingsreizen erop. We blijven nog even in de wijk Belem en bezoeken er het Mosteiro dos Jeronimos. Dit is ook een bouwwerk in de unieke Manuelstijl. Het is een laatgotische architectuurstijl met Moorse invloeden en vele versieringen, die vaak verwijzen naar de scheepvaart. Dit Jeronimosklooster is ook een blijk van de welvaart van de zeemogendheid die Portugal was. Vasco da Gama ligt er o.a. begraven.

Monument van de ontdekkingen

Na een zonnige, broeierig hete dag in de wijk Belem, zoeken we die avond de schaduw op in de nauwe straten van de wijk Alfama. We zetten de klim in naar het Castelo de Sao Jorge, dat boven op een heuvel gelegen is. Het is er aangenaam verpozen. We hebben er een prachtig uitzicht op de arbeiderswijk Graça en de Taag. Het kasteel heeft verscheidene bestemmingen gekend, gaande van paleis tot wapendepot en gevangenis. We genieten er van een prachtig panorama en de ondergaande zon zorgt voor mooie kleuren. We dalen de helling terug af en nemen de laatste bus naar de camping. In het donker gaan we op zoek naar onze tent.

Castelo de Sao Jorge

­

Op een 30-tal kilometer ten noordwesten van Lissabon ligt de stad Sintra. Wij maken er een daguitstap naartoe vanuit Lissabon. Met de trein staan we er in minder dan een uur en vatten we de wandeling aan van het station naar het Paleis van Sintra. Het gaat bergop en alvorens het paleis te bereiken, komen we de Moorse bron tegen. De bron zelf is niet groot, maar de architectuur er rond, de zuilen, bogen en versieringen doen denken aan het Midden-Oosten. Ook het Palacio Nacional heeft Moorse invloeden. Die komen het best tot uiting in de versiering aan de ramen en de twee grote schoorstenen die er bovenop staan. Dit was ooit het paleis van de Moorse overheersers. Het heeft een prachtig interieur. We bezoeken zelfstandig de keuken, ontvangstkamers, slaapkamers, kapel, binnenhof,… Hier leren we de Portugese kunstvorm kennen van de azulejos. Op de keramiektegels staan vaak religieuze taferelen en beelden uit het dagelijkse leven. Hier zijn het vooral jachttaferelen.

sintra-palacio-nacional

Dit Moorse paleis werd verdedigd door het nog hoger gelegen Morenkasteel. Vanuit het paleis is hoog op de heuvel het Castelo dos Mouros te zien. Het is een fikse wandeling ernaartoe, maar we hebben de tijd. Het uitzicht van op deze ommuurde burcht is gigantisch. We zien van hieruit ook het romantische sprookjeskasteel Palacio da Pena. Het doet ons denken aan Neuschwanstein, maar we bezoeken het niet. We verlaten dit eeuwenoud vakantieoord, maar ongetwijfeld zijn hier nog mooie en romantische paleizen en villa’s te bewonderen in de groene bosrijke omgeving van Sintra, waar koningen en rijken ontspanning zochten en de drukke hoofdstad ontvluchtten.

Onze tip:
Portugal verleidt je met ongerepte stranden, rotsachtige kusten, pittoreske steden en een heuvelend binnenland.

Gelukkig is het meestal zonnig, droog en warm in Portugal. Dat is handig als je je tent moet opbreken. We nemen de bus naar het Rossio en laten ons vervolgens met een veerboot de Taag overzetten. Aan de overkant van de Taag nemen we de trein naar de badstad Lagos. In Lagos moeten we even de broeierig hete zon trotseren om met pak en zak tot in het centrum te geraken. De camping in Lagos staat in schril contrast met deze in Lissabon. Hij is klein, heeft weinig moois, biedt weinig comfort en staat barstens vol. We hebben er ons dan maar ergens tussen geduwd en het heeft ons bloed, zweet en tranen gekost om onze haken in de harde en droge ondergrond te krijgen.

Lagos

Vandaag hebben we niks op het programma staan. Het wordt een dagje strand. Zonnen, zwemmen en wat lezen zijn de belangrijkste feiten van de dag. Om op het grote strand van Lagos te komen, het Meia Praia, neem je best de kleine veerboot. Anders moet je enkele kilometers omlopen, om de haven van Lagos heen. In de late namiddag zijn we teruggekeerd naar de gezellige, autovrije binnenstad van Lagos. Rond het oude centrum bevindt zich nog een vrijwel complete stadsmuur en ook een fort, Ponta da Bandeira. We sluiten de avond af in één van de vele visrestaurants.

Na onze rustdag zijn we weer toe aan enige activiteit. We maken vanuit Lagos een wandeling naar de rotsformaties van Ponta da Piedade. De Baia de Lagos rijst 20 meter op uit zee en herbergt prachtige grotten en rotsen. Wij bezoeken ze te voet, maar je kan dit ook doen met een vissersboot vanuit de haven Lagos Marina. We dalen af in één van de rotsformaties en merken hoe het water van de Atlantische Oceaan krachtig opspat tegen de rotsen. De vissersbootjes schommelen ook heftig in de baai. We geraken tot aan de waterkant en houden daar een kleine fotosessie. De zonovergoten oceaan, het opspattende water en de rotsen zijn er prachtig. De rotsen hebben allerlei vormen en met een beetje fantasie kan je er figuren in herkennen zoals een indiaan, King Kong, een damesschoen en een heleboel olifanten. Boven op de rotsen kan je door gaten in het rotsendak de groenachtige kleur van het water zien.

Ponta da Piedada

Terug in Lagos lopen we meteen door richting het centrum. We checken er de vertrekuren van de bus naar Sagres. Morgen maken we een uitstap naar het einde van Europa. Die warme zomeravond sluiten we opnieuw gezellig af op het terras van één van de vele restaurantjes.

Vanuit Sagres gaan we Cabo de Sao Vicente bezoeken. Het is het meest zuidwestelijke punt van het vasteland van Europa. We nemen eerst de bus naar Sagres en vermits de kaap nog een 6-tal kilometer verwijderd is van Sagres, huren we een mountainbike. Er is ook een wandelpad dat door de duinen en rotsformaties naar de kaap loopt. De kaap is een indrukwekkende plek. Bovenop de steile rots staat een vuurtoren, die tot 90 kilometer in zee zijn stralen werpt. Op de terugweg hebben we de wind tegen. Vermits de asfaltweg vaak eindeloos lijkt, duiken we met momenten de duinen in en laten ons af en toe verleiden om eens het wandelpad te nemen.

Sagres

Lagos is mooi en gezellig, maar na vier nachten hebben we het er wel gehad. We nemen we de trein naar Albufeira. Ondanks het toeristische karakter van Albufeira, stappen er maar weinig mensen van de trein. Enkel wij en een ouder koppel verlaten het treinstation. Het treinstation lijkt een beetje in de middle of nowhere neergezet te zijn. Het wordt wachten op de bus die ons naar het centrum zal brengen. Wij besluiten te wachten, maar het ouder koppel dat op daguitstap is, heeft die tijd niet en belt een taxi. Ondanks het feit dat we nooit de intentie hebben getoond om eventueel samen de taxi te delen, nodigen ze ons uit om ook mee te gaan. Tijdens de taxirit blijkt dat ze een dochter hebben die ook veel rondreist en ze willen ons, jonge snaken, zo een beetje helpen. Tussen het babbelen door, zien we nog net een camping liggen en we laten er ons afzetten.

Trein Portugal

De camping ligt op 3 kilometer van het centrum en is supermodern. Er is terug veel ruimte, proper sanitair, een winkeltje, restaurant, zelfs een zwembad. We installeren ons ergens tussen de vele bomen en gaan de rest van de dag aan het zwembad liggen.

Albufeira was ooit een vissersdorpje, maar is nu de meest populaire badstad van de Algarve. De badstad is op de rotsen gebouwd en wanneer wij aankomen op het strand is het juist vloed. Veel strand is er niet meer en de golven slaan krachtig tegen de rotsen. Het is niet aan het stormen en toch slaan de golven op sommige plaatsen over de balustrade, op de promenade.

Onze tip:
Portugal verleidt je met ongerepte stranden, rotsachtige kusten, pittoreske steden en een heuvelend binnenland.

Portugal heeft het ideale, warme en zonnige weer voor een waterpretpark. Slide & Splash is het grootste waterpretpark in Portugal met een tiental verschillende glijbanen, zwembaden, jacuzzi en ligweiden. Aan de camping nemen we de bus naar het pretpark. Het park ligt op een half uurtje rijden van Albufeira. We gedragen ons de hele dag als uitgelaten kinderen en gaan glijbaan op en af. Met of zonder band, op je poep of op je buik, het is gieren geblazen. De black hole, blue hole, de dubbele, hoogste glijbaan Kamikaze waar je je aan mekaar kan meten. De Kamikaze gaat steil naar beneden. Wie haalt de hoogste snelheid en glijdt het verst? De dag is dan ook vlug voorbij gegaan en we moeten ons haasten om de laatste bus richting Albufeira terug te nemen.

Waterpretpark Portugal

Vanuit Albufeira maken we ook een daguitstap naar het bergdorp Monchique. Het is gekend om de thermen Caldas de Monchique. Het zwavelhoudende water zou genezend werken voor reumatische aandoeningen. Wij hebben zin in een flinke wandeling en besluiten te voet de Foia op te wandelen. De Foia (902m) is het hoogste punt van de Algarve. De berg is van vulkanische oorsprong en gelegen in het gebergte Serra de Monchique. Eenmaal boven heb je er een grandioos panoramisch uitzicht. Afdalen doen we via een andere route dan dat we gekomen zijn.

Met de bus keren we terug naar Albufeira. Het wordt onze laatste nacht in de Algarve en onze voorlaatste in Portugal. Morgen keren we met de trein terug naar Lissabon, waar we nog één nacht zullen overnachten op de mooie camping. We genieten voor de laatste keer van de warme zomeravond en de gezellige terrasjes in het centrum.

 

Plaats als eerste een reactie